Zondag 5 maart 2017 | Exodus 24 en Matteus 26

templemenorahWederzijdse toewijding – een overdenking bij Exodus 24

Op 1 maart begon de Veertigdagentijd, de tijd van voorbereiding op Pasen. Deze tijd herinnert onder andere aan de woestijntijd van het volk Israël, onderweg naar het Beloofde Land.

Gods verbond
Tijdens deze woestijntijd geschiedde er een belangrijk feit: er vond een verbondssluiting plaats tussen de Here God en zijn volk Israël. Deze wordt beschreven in Exodus 24. Het bijzondere aan deze verbondssluiting is, dat hij wederzijds plaatshad.

In de heilsgeschiedenis van het Oude Testament kwam Gods verbond tot nu toe enkel ‘’eenzijdig’’ ter sprake. Met ‘’eenzijdig’’ is bedoeld dat het verbond op één enkele oorsprong berust. Zie bijvoorbeeld Genesis 12:1-3 en Genesis 17: 2, waar we lezen dat het Gód is, die zijn verbond tussen Hem en Abraham stelt. Deze en andere teksten maken duidelijk dat de oorsprong van het verbond bij de Here God zelf berust. Hij nam het initiatief, en grondde zijn verbond enkel en alleen in zijn eigen belofte en trouw. Daarmee maakte Hij het (gelukkig!) niet afhankelijk van de mens. Overigens kon de mens het verbond wel breken (Genesis 17:14), maar ook dan ging het om het door Gód eenzijdig ingestelde verbond. Wat verder opvalt is dat de Here God voorafgaand aan Exodus 24, zijn verbond sloot met individuën. Denk aan Abraham. Natuurlijk doelde God al wel op Abrahams nageslacht, het volk van Israël, maar het waren individuën die van deze belofte deelgenoot gemaakt werden.

Een kostbaar huwelijk
Wat de geschiedenis in Exodus 24 zo bijzonder maakt, is dat het hier bij het verbond niet langer om enkele individuën gaat, maar om het gehéle volk Israël. Bovendien is er nu ook als antwoord op Gods eenzijdige en eeuwige initiatief tot het Verbond, nu ook de toewijding van het vólk jegens God, . Zo verklaarde het volk al Gods geboden te willen volbrengen: ‘’Al de woorden die de HERE gesproken heeft, zullen wij doen.’’ (Exodus 24:3). Ten teken hiervan werd door Mozes, namens het volk, het bloed van een offerdier op het altaar gesprengd. Dit bloed duidde op de aan God geschonken toewijding door Israël. We kunnen moeilijk de kracht van dit met woord en gebaar onderstreepte voornemen overschatten. Een hemelse reactie bleef dan ook niet uit. Namens de Here God besprengde Mozes de Israëlieten met de andere helft van het bloed van de offers. Dit bloed drukte Gods toewijding jegens het volk uit. Mozes sprak: ‘’Zie, het bloed van het verbond dat de HERE met u sluit!’’ (Exodus 24:8).

Misschien kun je dit verhaal wel vergelijken met een huwelijkssluiting. Na een tijd van verkering en verloving wordt nu het definitieve woord van trouw wederzijds uitgesproken. Waarbij het overigens de Here God is en blijft die het initiatief nam. Hij had destijds de ‘’verkeringstijd’’ met zijn volk geopend. Hij is de Bruidegom, en zijn volk, het meisje, de bruid, zegt ‘’ja!’’ tegen Hem.

Christus: waarachtig mens
Zoals in menig huwelijk het geval kan zijn, zou ook dit huwelijk echter beproefd worden. Het bleef niet altijd zomaar rozegeur en maneschijn. Nog maar enkele hoofdstukken verder (Exodus 32) verkeert het huwelijk al in zwaar weer. Het volk was ontrouw geworden, en had God vervangen door een gouden kalf. Het was Mozes’ voorbede, die het huwelijk redde. En zo zouden er wel vaker huwelijkscrises zijn. Het is niet voor niets dat we in de Veertigdagentijd stilstaan bij de weg die Christus ging: een weg van tróuw. Een weg waarin eigenlijk alles samenkwam. Zijn trouw en toewijding jegens de Here God ging zover, dat hij zijn leven er voor over had. Hij offerde zijn leven. Hij gaf zijn bloed. Als zoon van zijn volk Israël vertegenwoordigde Hij zo op volmaakte wijze zijn volk bij God. Met zijn ultieme toewijding, zowel in leven als in sterven, maakte Hij goed wat door toedoen van de mens verkeerd was gegaan. Zoals de engel reeds tegen Jozef had gezegd: ‘’Hij zal zijn volk redden van hun zonden.’’ (Matteus 1:21).

Christus: waarachtig God
Maar ook in omgekeerde richting doet Jezus’ offer aan Exodus 24 denken. De andere helft van het bloed drukte daar immers Gods verbond en toewijding richting zijn volk Israël uit. Ook daarvan spreekt het bloed van Christus. Want Jezus is niet alleen waarachtig mens (en als zodanig zijn volk op volmaakte wijze bij God vertegenwoordigend), Hij is ook waarachtig God, en vertegenwoordigt Hemzelf bij zijn volk. Christus’ bloed is daarom tegelijk ook de bekrachtiging van Gods eeuwige verbond richting Israël. ‘’Dit is het bloed van mijn Verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden’’ sprak Jezus temidden van zijn volksgenoten, tijdens de Pesachmaaltijd voorafgaande aan zijn lijden en sterven. (Matteus 26:28). Hoe toepasselijk was dit moment, want als er ergens gedacht werd aan Gods trouw en bevrijding jegens Israël, dan wel hier, tijdens de viering van Pesach.

Onze toewijding gevraagd
Wanneer wij het heilig Avondmaal vieren, mogen wij hier eveneens aan denken. In de eerste plaats met betrekking tot Israël. Maar ook met betrekking tot onszelf. Want wij mogen onszelf ingelijfd weten in Israël. Wij zijn mede-erfgenamen van de belofte, zoals Paulus het later zou zeggen (Efeze 3:6). Diep verbonden met de Here God en zijn volk Israël. En boven alles met diens Messias, wiens bloed is gegeven tot een volkomen verzoening van ook al ónze zonden. Opdat ook wij onszelf volledig aan Hem zouden toewijden.

Daarom wil ik eindigen met een vraag om over na te denken in de Veertigdagentijd: Waaruit blijkt úw toewijding voor Hem; wat hebt u voor Hem over?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s