Zondag 4 januari 2015 Matteus 2:1-12

Zondag lezen we het verhaal van de wijzen uit het oosten – altijd weer een verhaal dat de Sallandse volksziel streelt, gezien de geografische verwijzing.

Maar even los van de vraag waar de wijsheid verkrijgbaar is: wie die wijzen waren, en hoeveel het er waren, is niet bekend.
Het doet er ook niet toe.
Waar het om gaat is, dat er een aantal mensen uit de volkerenwereld naar Israel trok, om de geboren Messias hulde te bewijzen, met geschenken.
Daarbij worden oude profetieën in herinnering geroepen, zoals bijv. Jesaja 60:6, waar we lezen dat uit de volkerenwereld goud en wierook naar Jeruzalem gebracht wordt.
In feite raakt dit verhaal aan de oude belofte van God aan Abraham, waar gezegd wordt dat in Israel alle volkeren der aarde gezegend zullen worden.

En inderdaad, hier komen mensen uit de volkerenwereld in Israel aan, om zich als onderdanen van de Heiland der wereld op te stellen.

Tegelijk zit er nog meer in het door de wijzen vermelde geboortebericht van de ”koning der Joden”.
Het brengt de lezer terug ook bij Gods belofte aan Israel zélf; de belofte van de Messias.
(Herodes pikt dat ook op als hij even verderop praat over de ”Christus” (=Gezalfde/Messias).

Hoe het ook zij: dit alles is tegen het zere been van Herodes, de koning die het destijds voor het zeggen had in Jeruzalem.
Wat alles nog meer op scherp zet, is de vermelding van de ”ster” die is opgegaan.
Dat doet denken aan een andere plaats uit het Oude Testament: Numeri 24:17,18, het verhaal van Bileam die Israel zegende.
In zijn door God hem in de mond gelegde zegen sprak hij over een ster die zou opgaan uit Jakob, en hierdoor zou Edom gedegredeerd worden tot ”erfgoed”.
Om dit goed te begrijpen moet je weten dat Edom gelijk staat aan Esau – de tegenspeler van Jakob in het geding om het eerstgeboorterecht (de vraag wie uiteindelijk de leider van Israel zou worden).
Bileam profeteerde in zijn zegen (over die ster) dus in feite dat Jakob aan het langste eind zou trekken, ten koste van Esau (Edom).

Pas dan begrijp je Herodes goed, die – zo zegt Matteus – hevig ontsteld raakte bij het horen over de stér die was opgegaan.
Want… Herodes was een Edomiet!
‘Esau’ had het voor het zeggen in Jeruzalem. (Herodes zat daar overigens namens Rome – en door de rabbijnen werden de Romeinen ook als nakomelingen van Esau gezien).

Toen Herodes zo geschokt was door dit bericht, gaf dit deining in heel de stad.
Want… Herodes had een gruwelijk naam: om zijn macht vast te houden ging hij letterlijk over lijken, waarbij hij ook zijn naaste familiekring niet ontzag, zo had hij reeds bewezen.
Zijn baas, keizer Augustus schijnt gekscherend gezegd te hebben over Herodes: ”je kunt beter zijn varken zijn dan zijn zoon”.

Hoe dan ook – Herodes wil het naadje van de kous weten. Hij hoort zelfs de schriftgeleerden uit, om de geboorteplaats van de geboren koning der Joden te vernemen.

Tegelijk blijft hij sluw opereren: even later nodigt hij in het verborgene (dus zonder de Joodse leidslieden erbij – er zou immers een opstand kunnen ontstaan, wanneer men enthousiast zou raken over het bericht van een geboren Messias) de wijzen uit het oosten uit, en stuurt hen er als een soort ”verkenners” op uit.
(overigens zal dit plan van Herodes in duigen vallen).

Vervolgens lezen we hoe de wijzen bij het kind arriveren, en hun kostbaarheden voor Hem ontsluiten:
goud, wierook en … mirre.
Vooral de laatste gift is opvallend (niet in de profeten genoemd). Hij komt ook voor in de slothoofdstukken van Matteus: toen Jezus begraven werd, werd daarbij mirre gebruikt.
Het lijkt daarom tegelijk een vooruitwijzing naar zijn dood – een schaduw die valt.
Een wel heel erg geladen kraamcadeau…

Toch wordt dit bewust vermeld.
Immers, dit Kind is van de aanvang af bedreigd, aangevochten.
De krachten die Israel van zijn plek willen stoten (Herodes/Edom), hebben het ook zeker gemunt op de Messias van Israel.
In de vervolgverzen lezen we hoe Jezus dankzij Gods leiding ontkomt, maar eens zal dit niet zo zijn.

De mirre lijkt hier al naar te verwijzen: Jezus is gekomen om eens te sterven, als de Messias, de redder van zijn volk Israel.
En alle volkeren der aarde mogen zich daarbij in Israel en zijn Messias gezegend weten.
De wijzen – zij brengen hun kostbaarheden in. Zij mogen erbij horen.

Zondag hebben wij doopdienst.
Er ligt een prachtig verband met het slotvers van Matteus (28:18-20).
Waar het Matteus-evangelie hier begint met de beweging van de volkeren naar Israel toe, eindigt het ermee te vertellen hoe Jezus opdracht gaf om een beweging vanuit Israel naar de volkeren te starten, omdat zijn heil voor heel de aarde bestemd is, met Jeruzalem als blijvend middelpunt.

En alle volkeren mogen daarbij gedoopt worden, als teken van erbij te horen.
En daarbij niet te vergeten, denkend aan de mirre: gedoopt te zijn in de dood van Jezus.
Want zijn dood betekent een radicale redding voor ons mensen.
Al het verkeerde, de zonde en de schuld is begraven.
De dood is overwonnen.
En een nieuw leven is begonnen en mag geleefd worden.
Een leven waar goud blinkt, en wierook een heerlijke geur verspreidt.

Dit verhaal: een voorproefje!

Hier volgt de tekst van Matteus 2:1-12

1 Toen nu Jezus geboren was in Bethlehem, in Judea, in de dagen van koning Herodes, zie, wijzen uit het oosten kwamen in Jeruzalem aan,
2 en zeiden: Waar is de pasgeboren Koning van de Joden? Want wij hebben Zijn ster in het oosten gezien en zijn gekomen om Hem te aanbidden.
3 Toen koning Herodes dit hoorde, raakte hij in verwarring en heel Jeruzalem met hem.
4 En nadat hij alle overpriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen had laten komen, wilde hij van hen weten waar de Christus geboren zou worden.
5 Zij zeiden tegen hem: In Bethlehem, in Judea, want zo staat het geschreven door de profeet:
6 En u, Bethlehem, land van Juda, bent beslist niet de minste onder de vorsten van Juda, want uit u zal de Leidsman voortkomen Die Mijn volk Israël weiden zal.
7 Toen riep Herodes de wijzen onopgemerkt bij zich en vroeg hun nauwkeurig naar de tijd dat de ster verschenen was;
8 en hij stuurde hen naar Bethlehem en zei: Ga erheen en doe nauwkeurig onderzoek naar dat Kind, en als u Het gevonden hebt, bericht het mij, zodat ook ik kom om Het te aanbidden.
9 En nadat zij de koning aangehoord hadden, gingen zij op weg. En zie, de ster die zij in het oosten gezien hadden, ging hun voor, totdat hij boven de plaats kwam te staan waar het Kind was.
10 Toen zij de ster zagen, verheugden zij zich met zeer grote vreugde.
11 En toen zij in het huis kwamen, vonden zij het Kind met Maria, Zijn moeder, en zij vielen neer en aanbaden Het. Zij openden hun schatkisten en brachten Hem geschenken: goud en wierook en mirre.
12 En nadat zij door een aanwijzing van God in een droom gewaarschuwd waren om niet terug te keren naar Herodes, keerden zij langs een andere weg terug naar hun land.
– See more at: http://herzienestatenvertaling.nl/teksten/mattheus/2/#sthash.w8CpJC9n.dpuf

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s